Wiskunde door Jan P. Meijers – 1e prijs

///Wiskunde door Jan P. Meijers – 1e prijs
Wiskunde door Jan P. Meijers – 1e prijs2016-12-09T22:30:01+00:00

Wiskunde

door: Jan P. Meijers – 1e prijs

‘Er zit vorst in lucht,’ zegt mijn vader.
Ik knik.
‘Tong verloren?’
‘Ik ben bezig, pa.’
‘Laat eens zien.’
Zijn leunstoel begint te kraken, ik sla mijn schrift dicht en ga van tafel.
‘Wat ongezellig,’ zegt mijn moeder. ‘Je kan toch hier je huiswerk maken.’
‘Nee, jullie zeuren.’

Aan mijn bureautje maak ik het assenstelsel af. Onder de horizontale as schrijf ik in blokletters: Anna.

Met mijn nagels kras ik over de ijsbloemen op het raam. Het wiel achter de dijk ligt dicht. Anna houdt ook van schaatsen heeft ze gezegd. Misschien zien we elkaar.

‘Een plak ontbijtkoek dan,’ zegt mijn moeder. ‘Je moet iets eten.’
‘Ik heb geen trek.’
‘Hier, een gulden, voor chocoladedrank.’

Op een strook platgetrapt riet bind ik mijn schaatsen onder. Ik trek mijn sjaal wat losser en zet af. Het ijs is diepzwart met dubbeltjes. Midden op het wiel blijf ik staan. Het is druk, maar ik heb haar gezien. Ze draagt een rode kabeltrui. Ik schaats naar haar toe en steek mijn hand op – ze glimlacht. Ik draai een rondje om haar heen en blijf dan staan.
‘Je trui is te groot.’
‘Hij is van mijn broer.’
‘O.’
Om ons heen krassen de schaatsen, af en toe kraakt het ijs.
‘Zullen we een rondje? vraagt ze.
‘Goed.’
Anna en ik schaatsen op het wiel.
Het geschraap op het ijs klinkt ver weg. Ik kan niet geloven dat dit gebeurt. We zijn de enigen op het wiel.
‘Ik lust wel chocolademelk,’ zegt ze als we langs de kraam komen. ‘Maar ik heb geen geld.’
‘Ik wel, kom.’

‘Tweemaal vijftig cent jongeman.’
Ik wurm de gulden uit mijn broekzak. Mijn wangen gloeien als ik Anna de mok geef. Ze zit op het bankje naast de kraam en vouwt haar handen om de mok. Ik ga naast haar zitten en leg mijn wanten tussen ons in.
‘Snap jij dat assenstelsel bij wiskunde?’ vraagt ze.
‘Ja, het is net zeeslag. Zal ik het uitleggen?’
Ze knikt en blaast in haar mok.

Winnaar Jan P. Meijers over zijn schrijfproces

Jan_P._MeijersIn een woord: HaPeRT. Dat staat voor Handelingen verricht door Personages in Ruimte en Tijd.

Handelingen betreft alles wat gedaan, gezegd en gedacht wordt. Personages verrichten die handelingen. De ruimte is het decor waarin of waartegen het verhaal zich afspeelt. De tijd is de verhouding tussen de vertelde tijd en de tijd die de lezer nodig heeft om te lezen.
Dat zijn de bouwstenen voor een verhaal.

In Wiskunde wordt het hoofdpersonage geïntroduceerd terwijl hij huiswerk maakt in de woonkamer en zich ergert aan zijn ouders. De scene is vanwege gebruik van HaPeRT herkenbaar voor de lezer, zonder dat er iets wordt uitgelegd. Alle alinea’s zijn volgens dat systeem geschreven. De zinsbouw houd ik zo eenvoudig mogelijk en de woordkeuze steeds ten dienste van de scene.

Jan P. Meijers (1966) publiceerde twee romans, een verhalenbundel en diverse korte verhalen/gedichten in tijdschriften en (wedstrijd)bundels.

Momenteel werkt hij aan de afronding van de roman Weg zonder bestemming.

De jury over Wiskunde van Jan P. Meijers

In Wiskunde staat geen woord teveel. Sterker nog: ieder woord telt, en ieder woord staat precies op zijn plaats. Het bevat mooie details als: ijsbloemen, assenstelsel en kabeltrui. Bovendien er is volop samenhang tussen elementen uit het begin, het midden en het einde waardoor het verhaal een geheel wordt. Vakwerk.

Facebook Comments